Overgewicht in de Nederlandse onderwijs ICT

Geplaatst: september 25, 2011 in Voorpagina
Tags:,

Hier onder kunt u een stuk lezen geschreven door Jan Stedehouder

De afgelopen periode duiken heel wat klachten op over Magister. Magister is een pakket voor de schooladministratie wat zich beweegt in de richting van een elektronische leeromgeving. Het pakket heeft een belangrijk nadeel. Waar Magister in het verleden redelijk platformonafhankelijk toegankelijk was via een browser is inmiddels het gebruik van Silverlight vereist. Silverlight is een specifieke Microsoft-technologie voor rich content webomgevingen en is door Microsoft in de markt gezet als concurrent van Flash. Nu schermt het bedrijf uit Redmond ook graag met het gegeven dat Silverlight voor Windows, Mac en Linux beschikbaar is, maar dat is simpelweg onzin. De open source implementatie voor Linux (Moonlight) is brak en loopt achter bij Silverlight. Het gevolg is dat Magister alleen toegankelijk is voor computers met Windows en Silverlight, moeilijk toegankelijk is voor Mac’s en niet te gebruiken voor computers met Linux. Vervelend? Wel als ouders en leerlingen, die vanaf hun eigen computers toegang moeten hebben tot de Magisteromgeving, gedwongen worden op Windows over te stappen. Dat roept de vraag op dit acceptabel is voor scholen die met publiek geld worden gefinancieerd?

Lees het hele artikel

Ook heeft Jan al een concept brief opgesteld.

Geachte ….

Via deze open brief vraag ik uw aandacht voor een groep van 5-10% van de leerlingen in het Nederlandse onderwijsbestel die door ondoordachte investeringen van scholen geen toegang hebben tot online elektronische leeromgevingen en/of de online schooladministratie. Ouders, studenten en leerlingen worden daardoor onnodig gedwongen bestaande, innovatieve computertechnologie te vervangen door software (soms ook hardware) die lijnrecht ingaat tegen de nadrukkelijke wens van de Tweede Kamer, tegen het vigerende overheidsbeleid om het gebruik van open standaarden in de (semi-)publieke sector verplicht te stellen.

De concrete aanleiding is een aanzwellende discussie over het gebruik van het pakket Magister, een pakket zowel voor de schooladministratie als de elektronische leeromgeving. Magister 5.x, een verplichte upgrade voor bestaande gebruikers van het pakket, dwingt leerlingen tot het gebruik van Silverlight, een gesloten webtechnologie van Microsoft, wat weliswaar gratis wordt aangeboden maar niet voor ieder besturingssysteem beschikbaar is. Ouders en leerlingen die hier over klagen bij de onderwijsinstellingen en/of de fabrikant van Magister, Schoolmaster, krijgen te horen dat zij maar over moeten stappen op een computer met Windows. Voor voorbeelden verwijs ik u graag naar de bijlage.

De casus Magister is symptomatisch voor het omvangrijker probleem. Extreme kortingen van 90-100% op gesloten (kantoor-)software houdt het bijna-monopolie van Microsofttechnologie in het onderwijs in stand en, zoals het voorbeeld van Magister maar ook andere educatieve software laat zien, verstrekt dit waar mogelijk. Leerlingen krijgen uitsluitend productspecifieke computervaardigheden aangereikt in plaats van bredere conceptuele en productonafhankelijke vaardigheden. Het onderwijsbestel is verworden tot een zwaar gesubsidieerd stelsel voor het aanleren van productspecifieke vaardigheden waar overheden, instellingen en bedrijven nog decennia de prijs voor betalen, in de vorm van hoge licentiekosten, extreem beperkte mogelijkheden tot inzet van alternatieve (gesloten) software en verlies aan innovatiekracht.

De oplossing is niet eenvoudig, systeemveranderingen zijn dat nooit. De Tweede Kamer kan echter met vier heldere maatregelen de fundamenten voor systeemverandering rond ICT en onderwijs leggen:
het aanscherpen van het actieplan Nederland in Verbinding door het gebruik van open standaarden door alle met publieke middelen gefinancierde instellingen verplicht te stellen, conform het vigerende comply-or-explain principe;
het verplicht stellen van platformonafhankelijke toegang tot online diensten en omgevingen van met publieke middelen gefinancierde instellingen, in dit geval alle onderwijsinstellingen;
het verbieden van het aanleren van exclusieve productspecifieke competenties en vaardigheden door onderwijsinstellingen; en
het verbieden van het aanbieden van software aan docenten, ouders en leerlingen tegen extreem lagere prijzen dan op de reguliere markt.

Vier heldere maatregelen waarmee de markt voor (educatieve) software voor het onderwijs een eerlijke, open en vrije markt wordt, waarmee leerlingen en studenten een bredere ICT-vorming kunnen krijgen en waardoor het onderwijsbestel tegemoet kan komen aan de vraag vanuit overheid en bedrijfsleven als het gaat om ICT-competente en innovatieve medewerkers.

Met dank voor uw welwillende aandacht,

Aan de leden van de vaste kamercommissie onderwijs

Geachte leden van de Tweede Kamer,

Met deze open brief wil ik graag uw aandacht vragen voor een groep leerlingen, tussen de 5 en 10% van de leerlingen in het Nederlandse onderwijsbestel, die door ondoordachte investeringen van scholen geen toegang hebben tot online elektronische leeromgevingen en/of de online schooladministratie. Ouders, studenten en leerlingen worden onnodig gedwongen bestaande, innovatieve computertechnologie te vervangen door software die lijnrecht ingaat tegen de nadrukkelijke wens van de Tweede Kamer en tegen het vigerende overheidsbeleid.

In december 2007 is de Tweede Kamer unaniem akkoord gegaan met het ambitieuze actieplan Nederland Open in Verbinding [1]. Het actieplan voorziet in het gebruik van open standaarden en open source software bij de (semi-)publieke sector, inclusief het Nederlandse onderwijs. Met Nederland Open in Verbinding gaf het kabinet invulling aan een reeds lang bestaande en breed gedragen wens van de Kamer om het gebruik van open standaarden verplicht te stellen voor de (semi-)publieke sector en, waar mogelijk, het gebruik van open source software krachtig te stimuleren [2]. Helaas is bij de praktische uitwerking van het actieplan het onderwijs schromelijk verwaarloosd. Met vergaande consequenties.

De concrete aanleiding voor deze brief is een discussie die op meerdere plaatsen online wordt gevoerd over het gebruik van het pakket Magister door Nederlandse onderwijsinstellingen [3]. Met ingang van Magister 5.0 worden gebruikers gedwongen Silverlight te installeren, een proprietary webtechnologie van Microsoft [4], welke weliswaar gratis wordt aangeboden maar niet voor ieder besturingssysteem beschikbaar is. Ouders en leerlingen die hier over klagen bij de onderwijsinstellingen en/of de fabrikant van Magister, Schoolmaster, krijgen te horen dat zij maar over moeten stappen op een computer met Windows.

Ter illustratie noem ik graag een aantal voorbeelden, te beginnen het Eerste Christelijke Lyceum (Haarlem). Het ECH gebruikt Magister. Een van de ouders klaagde erover dat zijn zoon geen toegang meer had tot Magister 5. De school bood een tijdelijke oplossing door de leerling toegang tot de schooladministratie te geven via Magister 4 (JSt. Magister 4 maakte nog gebruik van open webstandaarden). In april 2011 werd de toegang tvia Magister 4 ingetrokken. In reactie op een nieuwe klacht schreef de rector van het ECL het volgende (JSt. benadrukking van mij):

Helaas kan het ECL niet voorkomen dat gebruikers met Ubuntu geen toegang kunnen krijgen tot Magister.
Tot voor kort werd Magister 4.x volledig ondersteund door de firma Schoolmaster. Scholen moeten nu over naar Magister 5.x om ten volle gebruik te kunnen maken van dat schooladministratiepakket.
We hebben zolang mogelijk Magister 4.x aangeboden, maar dat is nu niet meer verantwoord.
Het ECL respecteert opensource en open standaarden maar nu kunnen wij niet vrij kiezen.
Wellicht dat in de toekomst Moonlight van Ubuntu, volledig compatible wordt met de huidige Silverlight die door Magister wordt gebruikt. Ook daarop kan het ECL geen invloed uitoefenen.
Het enige advies dat wij kunnen geven is Windows van Microsoft aan te schaffen bij http://www.slim.nl. Dit is de site voor educatie waar deze software voor thuisgebruik van scholieren, tegen sterk gereduceerde prijs (€ 56,50) verkrijgbaar is.

Deze situatie geldt voor alle scholen in de omgeving Haarlem die onder het IRIS-schoolbestuur vallen.

Dat leerlingen bestraft worden voor het niet kunnen gebruiken blijkt uit de volgende ervaring die Peter op mijn website heeft achtergelaten:

Mijn zoon (5 VWO) heeft al een ‘aantekening’ aan zijn broek hangen wegens het niet ophalen van een boekje. Dat had namelijk in ‘Magister’ (interne mail) gestaan. Helaas voor ons en onze kinderen hebben we geen computer met Windows en dus geen Magister in huis.
Tot een paar jaar geleden konden we goed uit de voeten met de school-site. Nu er sinds twee jaar overgestapt is naar Magister en Magister ook steeds meer functies toebedeeld krijgt, wordt ons probleem en de frustratie steeds groter.

Op het forum van de Nederlandse Ubuntu-gemeenschap staat een mailwisseling tussen Sjoerd Broekhuijsen en de helpdesk van zijn school. Hij gebruikte de webbrowser Mozilla Firefox. Het antwoord van de helpdesk (benadrukking van mij):

Zou je eens willen kijken of het in Internet Explorer wel goed gaat?
Magister heeft een applicatie update gehad en in Magister word (sic!) eigenlijk alleen maar volledig ondersteund onder de Microsoft producten en geen andere browsers. Als andere browsers werken is het een geluk maar is verder geen ondersteuning op. Laat ons aub even weten of het in IE wel goed gaat zodat wij ook weten wat wel en wat niet werkt. Dit zullen we dan ook met Schoolmaster (de leverancier) kortsluiten en kijken wat eventueel de oplossing zou kunnen zijn.

Het gegeven dat Magister uitsluitend ondersteuning geeft voor de Internet Explorer is absoluut niet meer van deze tijd. De beoordeling van de helpdeskmedewerker staat ook in schril contrast tot wat een Microsoft Silverlight evangelist op de website van Magister zelf beweerd. Deze stelt dat voor Mac OS X en Linux ondersteuning van Silverlight beschikbaar is [5]. In de praktijk blijkt dat gebruikers van Mac OS X met moeite Silverlight draaiende krijgen en gebruikers van Linux helemaal niet.

Dit zijn slechts drie voorbeelden, maar ze zijn illustratief voor een situatie op een groot aantal onderwijsinstellingen in Nederland. De instellingen besluiten te kiezen voor een gesloten technologie die gebruik maakt van gesloten standaarden (of gaan simpelweg mee met een upgrade van een bestaand pakket), met als gevolg dat deze -met publieke middelen gefinancieerde instellingen- ouders dwingen gebruik te maken van specifieke gesloten software [6]. Dit gaat lijnrecht in tegen de intenties en doelstellingen van het door de Kamer gewenste open standaarden beleid.

De problemen rond Magister, een pakket voor leerlingadministratie, zijn echter tekenend voor de bredere problematiek in het Nederlandse onderwijs en ICT. In september 2008 bracht het ministerie van Economische Zaken het rapport: “Het actieplan NOiV en het onderwijs. Een verkenning van mogelijke stimuleringsmaatregelen.” uit. In de praktijk is hier maar weinig van terecht gekomen. Op initiatief van het Linux Professional Institute Nederland word gewerkt aan het inbedden van de LPI-certificering (naast de bestaande lessen in Windows-competenties) in het MBO ICT-onderwijs door de Stichting Praktijkleren, ECABO en het Linux Professional Institute Nederland. Mondjesmaat zien we ook wat meer aandacht voor open source en Linux in het HBO ICT-onderwijs. Maar dat is het dan ook wel. In de rest van het onderwijs staat het aanleren van productspecifieke vaardigheden centraal met een zware focus op het Windows besturingssysteem en Microsoft Office. Ter illustratie geef ik graag de ervaring van Rob Snelders weer:

Tijdens mijn soliciatie naar de functie Docent Software Engineering bij de Fontys Hogeschool ICT is hard duidelijk gemaakt dat ervaring in de open source wereld zinloos is omdat ze alleen met Microsoft producten werken.

Op de Scholengemeenschap Veldvest te Veldhoven werken ze met een Citrix-achtige oplossing voor docenten om thuis te kunnen werken. Deze vereist het gebruik van Windows in combinatie met Internet Explorer om te kunnen functioneren.

De houding van Fontys laat een onthutsend gebrek aan kennis van de moderne ICT-ontwikkeling zien en zorgt er voor dat aankomende software engineers geen aansluiting hebben bij de meest innovatieve hardware- en softwareproducten van de 21ste eeuw.

De diepe verwevenheid van het onderwijsbestel met de traditionele Windows-technologie wordt op verschillende manieren in stand gehouden. Educatieve uitgevers bieden software aan waarvoor het gebruik van Windows verplicht is. Ouders en leerlingen die hierover hun beklag doen worden ook dan gewezen op de mogelijkheid de software tegen sterk gereduceerde tarieven aan te schaffen. Een overzicht van de prijzen zoals die op Slim.nl staan genoteerd:
Microsoft Office Professional Plus, € 17,– (winkelprijs € 547,–, korting 97%)
Visio Standaard, € 23,– (winkelprijs € 224,–, korting 90%)
Windows 7 Home Premium, € 17,– (winkelprijs € 174,–, korting 90%)
Adobe CS 5.5 Design/Premium, € 35,– (winkelprijs € 2.199,–, korting 98,4%)
Autocad 2011 (Mac), € 70,– (winkelprijs € 4.775,–, 98,5%)

Voeg daarbij de gratis diensten die via Live@Edu (Microsoft) of Google Apps for Education worden aangeboden en het is duidelijk dat geen eerlijk speelveld bestaat op de markt voor (educatieve) software voor scholen. Schoolbesturen en -directies krijgen geen enkele prikkel om de middelen beter te besteden en op die manier uitvoering te geven aan het overheidsbeleid. Het onderwijsbestel in Nederland is zo verworden tot een zwaar gesubsidieerd stelsel voor het aanleren van productspecifieke vaardigheden waar overheden, instellingen en bedrijven nog decennia de prijs voor moeten betalen. Immers, zij krijgen geen 90-98% korting op de kantoorsoftware die zij moeten gebruiken. Overheden die in lijn met de wens van de Kamer inzetten op open standaarden en open source software lopen aan tegen opleidingskosten die soms drie tot vier keer hoger liggen dan bij migratie naar de volgende versie van de gesloten software. De oorzaak? Simpelweg een structureel defect in het onderwijs dat nalaat leerlingen conceptueel en productonafhankelijk op te leiden. En dan hebben we het nog niet eens gehad over de macro-economische effecten van de hoge licentiekosten voor overheden, instellingen en bedrijven. Of over de problemen die innovatieve ICT-bedrijven hebben om in Nederland voldoende geschoold personeel te vinden. Dit zijn de bredere en langdurige problemen die het gevolg zijn van het gebruik van gesloten technologie en gesloten standaarden in ons onderwijs. Het gaat dus om veel meer dan alleen het gebruik van Silverlight door Magister en het gebruik van Magister door onderwijsinstellingen.

Wat kan de Tweede Kamer hier aan doen? De Kamer kan de vraag beantwoorden of het toelaatbaar is dat uit publieke middelen gefinancierde instellingen, zoals onderwijsinstellingen, hun gebruikers (onnodig) dwingen specifieke, gesloten technologie aan te schaffen. De Tweede Kamer heeft hier zelf antwoord op gegeven door het gebruik van open standaarden verplicht te willen stellen. Toegang tot online publieke diensten en digitale gegevens moet platformonafhankelijk zijn. Ontwikkelaars van webportalen op basis van Silverlight geven zelf aan dat tussen 5 en 10% van de bezoekers niet in staat zal zijn gebruik te maken van die webportalen en derhalve geen toegang heeft tot de online gegevens. Dat achten zij aanvaardbaar, want -zo stellen zij- je kan niet met iedere nerd rekening houden. Stelt u zich eens voor wat de maatschappelijke reactie is als 5 tot 10% van de Nederlandse bevolking geen toegang heeft tot het openbaar vervoer, telefonie of de gezondheidszorg vanwege specifieke en onnodige technische maatregelen. Als 5 tot 10% van de burgers geen toegang krijgt tot openbare gebouwen, overheidsinstellingen en onderwijsinstellingen. In een wereld waar in toenemende mate diensten online worden aangeboden, en verplicht online moeten worden afgenomen, is een marge van 5 tot 10% niet aanvaarbaar. Zij is asociaal.

Dat het anders kan toont bijvoorbeeld de Belastingdienst aan. Zij stelt haar software voor belastingaangifte beschikbaar voor meerdere besturingssystemen. Onderwijsinstellingen die zich uitsluitend richten op ondersteuning van Microsofttechnologie, al dan niet als gevolg van ondoordachte keuzen, zijn de voeling kwijt met wat elders in de samenleving al lang gaande is. De traditionele, verouderende, Windows desktop wordt vervangen of aangevuld door tablets en smartphones, door alternatieve desktops. Het bedrijfsleven moet vandaag aan de slag met fenomenen als ‘bring your own device’, het nieuwe werken, ‘consumerization of IT’ en beseft dat ze haar medewerkers vooral flexibiliteit en mobiliteit moet aanbieden. Platformonfhankelijke flexibiliteit en mobiliteit. Open standaarden en open technologie zijn de enige manieren om daaraan tegemoet te komen. Onderwijsinstellingen die hun leerlingen slechts in beperkte mate toerusten in het gebruik van specifieke gesloten software vergroten de digitale kloof richting de arbeidsmarkt en verkleinen daardoor de innovatieve kracht van bedrijven.

Is er een oplossing voor handen? In alle eerlijkheid, een goede oplossing vereist systeemveranderingen op verschillende niveaus, zoals uit het voorbeeld van Fontys blijkt. Pogingen tot verandering worden ook ondernomen, maar die lopen vast omdat een aantal fundamentele aspecten niet goed zijn geregeld. De Tweede Kamer heeft de mogelijkheid met vier heldere maatregelen de juiste fundamenten voor de systeemveranderingen neer te leggen:
het aanscherpen van het actieplan Nederland in Verbinding door het gebruik van open standaarden door alle met publieke middelen gefinancierde instellingen verplicht te stellen, conform het vigerende comply-or-explain principe;
het verplicht stellen van platformonafhankelijke toegang tot online diensten en omgevingen van met publieke middelen gefinancierde instellingen, in dit geval alle onderwijsinstellingen;
het verbieden van het aanleren van exclusieve productspecifieke competenties en vaardigheden door onderwijsinstellingen; en
het verbieden van het aanbieden van software aan docenten, ouders en leerlingen tegen lagere prijzen dan op de reguliere markt.

Vier heldere maatregelen waarmee de markt voor (educatieve) software voor het onderwijs een eerlijke, open en vrije markt wordt, waarmee leerlingen en studenten een bredere ICT-vorming kunnen krijgen en waardoor het onderwijsbestel tegemoet kan komen aan de vraag vanuit overheid en bedrijfsleven als het gaat om ICT-competente en innovatieve medewerkers.

Met dank voor uw welwillende aandacht,

Jan Stedehouder
Schrijver, journalist en columnist
op het gebied van duurzame, onafhankelijke
en veilige toegang tot digitale informatie.

[1] https://noiv.nl/over-noiv/
[2] http://nl.wikisource.org/wiki/Motie_Vendrik
[3] http://www.schoolmaster.nl/
[4] http://www.silverlight.net/
[5] http://www.schoolmaster.nl/Nieuws/Nieuws/tabid/337/mid/937/newsid937/32/De-visie-van-Microsoft-op-Magister-5/language/nl-NL/Default.aspx
[6] http://newtonict.blogspot.com/2011/09/bicycle-becomes-buycycle.html

Advertenties

Reacties zijn gesloten.